Vergoedingen

Mantelzorg is vrijwillig en onbetaald. Toch zijn er enkele mogelijkheden voor vergoedingen.
 
Mezzo heeft een nieuwe brochure: Mantelzorg en geldzaken. Kijk op: http://www.mezzo.nl/geldzaken

Mantelzorgcompliment 

De overheid geeft mantelzorgers die intensieve zorg verlenen een bedrag als dank. Dit heet het mantelzorgcompliment. In 2012 is dit bedrag € 200,-. Voorwaarden:
De persoon die verzorging nodig heeft mag het compliment uitdelen. Voorwaarde is dat hij/zij langdurig recht heeft op AWBZ-zorg  (tenminste 371 dagen = 53 weken). Meerdere aaneengesloten indicaties die opgeteld meer dan 371 dagen bedragen, tellen mee. De tijd tussen de verschillende indicaties mag niet meer dan 42 dagen zijn.
De indicatie moet na 1 augustus 2009 zijn afgegeven.
De zorgvrager moet thuis wonen, dus niet in een instelling (zoals een verpleeghuis).
De mantelzorger hoeft niet aan te tonen dat hij/zij AWBZ-vervangende zorg verleent. Bij indicaties van tenminste 371 dagen wordt uitgegaan van mantelzorg.
 
De Sociale Verzekeringsbank (SVB) stuurt een bericht naar mensen die een compliment mogen uitdelen (= de zorgvrager). Meer informatie vindt u op de website van de SVB.
Mocht u geen indicatie hebben, omdat er geen zorg via het PGB of in natura wordt verleend, dan kan er een indicatie worden gemaakt met de opmerking dat de zorg door mantelzorgers wordt ingevuld.

Betaling uit een PGB

De persoon voor wie u zorgt, kan een persoonsgebonden budget (PGB) aanvragen. Hiervoor heeft hij een AWBZ-indicatie nodig. Vervolgens kan hij u betalen voor uw zorg. U bent dan geen mantelzorger meer, maar een betaalde zorgverlener. Dit heeft enkele gevolgen:

  • Uw inkomen stijgt. Dit kan gevolgen hebben voor toeslagen, zoals de huurtoeslag.
  • U komt in dienst bij degene voor wie u zorgt, waardoor uw relatie kan veranderen.
  • Met inkomen uit een persoonsgebonden budget bouwt u geen pensioen op. 
  • Het PGB stopt als de persoon voor wie u zorgt geen indicatie meer krijgt voor zorg. Uw inkomen vervalt dan dus ook.
  • Als degene voor wie u zorgt overlijdt, krijgt u geen overlijdensuitkering.

Het is mogelijk om de AWBZ-indicatie via Regelhulp aan te vragen. Het formulier hiervoor vindt u bij het onderwerp AWBZ-zorg.

Belasting

Zorgt u voor iemand uit uw eigen huishouden? Dan kunt u de kosten opgeven bij uw belastingaangifte.

Vrijstelling erfbelasting

Als iemand de verzorger (bloedverwant) is in verband met ziekte van een bloedverwant, kan de verzorger voor de successiewet onder voorwaarden worden aangemerkt als partner, om op deze manier te profiteren van de hoge vrijstelling (6 ton). In het geval de kinderen grotendeels op kosten van de overledene werden onderhouden en te beperkt zijn om met arbeid hun inkomen te verdienen (ziekte of handicap) hebben een vrijstelling van € 57.342.

Een kind dat bij zijn alleenstaande ouder woont om deze te verzorgen, kan na het overlijden van de ouder aanspraak maken op de hoge partnervrijstelling voor de erfbelasting als hij aan enkele voorwaarden voldoet. Door de overgangsregeling vervalt de voorwaarde dat het kind een mantelzorgcompliment moet hebben ontvangen over het jaar dat vooraf gaat aan het overlijden in 2010 of 2011. Om in aanmerking te komen voor de hoge vrijstelling moet de ouder op het moment van overlijden wél in het bezit zijn van een CIZ indicatie voor extramurale hulp (thuiszorg). Betrokkenen kunnen bij de Belastingdienst een schriftelijk verzoek indienen om alsnog in aanmerking te komen voor de hoge partnervrijstelling voor de erfbelasting.

Ondersteuning 

Mantelzorg kan zwaar zijn, maar u kunt hulp krijgen. Kijk hiervoor bij het onderwerp mantelzorgsteun.

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u bij verschillende organisaties terecht:

 
 

Uitgebreidere verlofmogelijkheden mantelzorgers

 

Werknemers die naast hun werk voor een zieke vriend of bekende zorgen, krijgen voortaan recht op zorgverlof. Nu nog kunnen mantelzorgers alleen zorgverlof opnemen voor een zieke partner, kind of ouder. Het kabinet is de voorstellen hiervoor aan het uitwerken. Naar verwachting worden deze begin 2014 via een nota van wijziging ingediend bij het wetsvoorstel Modernisering regelingen voor verlof en arbeidstijden.?

 

17 januari 2014 Artikel

 

Wanneer geldt het zorgverlof?

Het recht op langdurend zorgverlof geldt voortaan voor alle noodzakelijke vormen van zorg, dus niet alleen bij een levensbedreigende ziekte. Het kortdurend zorgverlof is al toegestaan voor alle zorg voor zieken. 

Op dit moment kan het kort- en langdurend zorgverlof uitsluitend worden opgenomen wanneer zorg wordt verleend aan partner, kind of ouder. Het kabinet vindt deze kring te beperkt gelet op de veranderende samenleving. Steeds meer mensen zijn alleenstaand en er is dus niet vanzelfsprekend een gezinslid om zorg te verlenen. Het kabinet wil het daarom mogelijk maken dat werknemers ook verlof kunnen opnemen wanneer zij zorg verlenen aan een broer, zus of kleinkind of aan iemand anders in hun sociale omgeving, zonder dat er sprake is van een familieverhouding.  

Hoe zit het met het vaderverlof?

Het vaderverlof wordt uitgebreid. Nu hebben werknemers die vader worden recht op twee dagen kraamverlof. Daar komen drie dagen onbetaald verlof bij. Als werkgever kunt u dit extra verlof niet weigeren. Voortaan kan uw werknemer dus een week verlof opnemen na de geboorte van het kind.

Waarom wordt het zorgverlof uitgebreid?

Veel mensen hebben te maken met een situatie waarbij werk wordt gecombineerd met zorg voor anderen. In veel gevallen gaat dit goed samen en leveren mensen een bijdrage aan de maatschappij die past bij hun mogelijkheden en ambities. Toch zijn er twee belangrijke knelpunten die aandacht behoeven, en waar vanuit de overheid op wordt ingezet: de economische zelfstandigheid van vrouwen en de (over)belasting van mantelzorgers. De overheid vindt het belangrijk dat vrouwen en mannen hun zorgtaken beter verdelen en breidt daarom de mogelijkheden voor zorgverlof uit. Daarbij zijn werknemers en werkgevers gezamenlijk verantwoordelijk voor het maken van afspraken over de combinatie van werk en zorg.

Wie betaalt de extra kosten?

Uiteraard is het in de huidige economische situatie niet wenselijk dat de voorstellen hoge kosten met zich meebrengen. Het uitgangspunt van het kabinet is dan ook dat de extra lasten voor de overheid, werkgevers en werknemers beperkt zijn. De komende tijd blijven kabinet en sociale partners met elkaar in gesprek over de combinatie van werk en zorg. In deze gesprekken zijn onder meer werkgevers- en werknemersorganisaties, wetenschappers, bedrijven en vertegenwoordigers van mantelzorgorganisaties aanwezig.

Wat is het verschil tussen lang- en kortdurend zorgverlof?

Er is een verschil tussen lang- en kortdurend zorgverlof. Langdurend zorgverlof is zes weken en onbetaald. Kortdurend zorgverlof is twee weken en hiervoor ontvangt diegene zeventig procent van het loon. Een nadere uitwerking hoe de verlofvormen precies worden aangepast, volgt begin 2014. Het kabinet zal in 2014 goede voorbeelden van werkgevers en werknemers die afspraken hebben gemaakt over werk en zorg verspreiden en door voorlichting de bekendheid van de verlofregelingen vergroten.

Hoe ziet de toekomst eruit voor de mantelzorger?

Nederland heeft steeds meer mantelzorgers en dat aantal zal de komende decennia fors toenemen. Ouderen worden steeds ouder en de overheid stimuleert dat we de zorg voor onze naasten meer in eigen hand nemen. Wie in de zorg werkt, neemt vaker dan gemiddeld ook de mantelzorg op zich voor een chronisch ziek, gehandicapt of hulpbehoevend familielid. Werkende mantelzorgers voelen zich vaker zwaar belast dan niet-werkende mantelzorgers. Overbelasting kan leiden tot gezondheidsklachten en uitval en kan de duurzame inzetbaarheid verminderen. Het kan op termijn ook leiden tot verwaarlozing of verkeerde behandeling van de hulpbehoevende.

Waar valt winst te behalen voor werkgever en werknemer?

Het formaliseren van extra verlofmogelijkheden is een goede zaak. Maar uit onderzoek van PGGM blijkt dat er ook nog wel wat winst is te halen in het overleg tussen werkgever en werknemer. Zo’n 45% van de mantelzorgers informeert zijn of haar leidinggevende niet over de mantelzorgtaak. 

Centraal aanmeldpunt: 058-2348434